Hond & baas





1. Herkomst
2. Anatomie
3. Verzorging
4. Voeding
5. Gedrag en communicatie
6. Geleidewerk
7. Spelen

Vragen en antwoorden
Reacties

Deel van het territorium van Marwin

Verzorging

Een hond dient goed verzorgd te worden, net zo goed als dat zijn baas dat zichzelf dient te doen.

Voor een goede conditie zijn voldoende beweging en voeding van belang.

De vacht van Marwin hoeft niet dagelijks te worden geborsteld, omdat hij kortharig is. Maar als het gebeurt, dan wordt hij eerst van achteren naar voren geborsteld en vervolgens van voren naar achteren gekamd. Loszittende haren kunnen jeuk veroorzaken. Het talglaagje op de vacht heeft een beschermende functie en dus dient zo min mogelijk de vacht met zeep gewassen te worden.

Om de ogen en op de snuit zitten harde haren die sinusharen genoemd worden. Die sinusharen mogen niet afgeknipt worden, omdat ze voor de tastzin van belang zijn.

De ogen dienen schoon te zijn. Als dat nodig is, kan met gekookt water het oog schoongespoeld worden en van binnen (neuszijde) naar buiten afgeveegd worden.
De oren zijn op zich zelfreinigend. Eventueel kunnen de oorschelpen wat schoongemaakt worden. Als er iets mis lijkt te zijn, is het raadzaam de dierenarts ernaar te laten kijken. Door de hangoren is een labrador gevoeliger voor oorontsteking.

Het gebit van de hond behoeft geen dagelijkse aandacht, maar ter voorkoming van tandsteen is het van belang regelmatig bijvoorbeeld een flostouw aan de hond te geven.

Normaal slijten de nagels vanzelf als een hond voldoende over straat loopt. Maar mocht het nodig zijn dat ze geknipt worden, dan kun je dat het beste door een dierenarts laten doen.
De voetzooltjes kunnen beschadigd worden en dus is het raadzaam deze regelmatig te bekijken. Als er wondjes zijn, kunnen deze ontsmet worden met soda, wat wel goed nagespoeld dient te worden.

De anaalzakklieren zijn twee klieren bij de anus van de hond. Normaliter worden die klieren bij de ontlasting leeggedrukt en wordt als het ware een "geurvlag" geplaatst. Het kan gebeuren dat die klieren verstopt raken en dan zal de hond bijvoorbeeld met zijn achterste over de grond gaan slepen, het zogenaamde sleetje-rijden. De dierenarts kan daar dan wat tegen doen.

Verder kan er sprake zijn vanongedierte. Ik bespreek teken, vlooien en wormen.

Teken zijn uitwendige parasieten die zich vanuit het struikgewas op een hond kunnen laten vallen. Een teek zuigt zich vast om zo wat bloed te kunnen opslurpen, waarna de teek zich op de grond laat vallen. Doordat het na het parasiteren een gaatje in de hondenhuid achterlaat, is via dat gaatje infectie mogelijk. Een teek dient dan ook niet zomaar van de huid getrokken te worden en ook is het link om met alcohol te werken. Verwijder een teek door er met de vinger omheen te cirkelen op de huid en doe wat boter op het wondje.

In het voorjaar en de zomer heeft een hond grotere kans op vlooien. Vlooien zijn kleine, uitwendige parasieten. Honden kunnen flink last van die vlooien hebben en de vlooien dienen dus snel verwijderd te worden. Een vlooienband helpt niet voor het hele lichaam; advies van de dierenarts is welkom. Bedenk hierbij dat de meeste vlooien in de leefomgeving van de hond zitten en niet op zijn lichaam, zodat hygiêne in huis ook van belang is.

Wormen zijn inwendige parasieten. Een hond kan via vlooien met wormen besmet worden. De uitwerpselen van vlooien, die in de vacht van de hond terecht kunnen komen, bevatten de eitjes van wormen. Als een hond zijn vacht likt, kan hij dus de uitwerpselen met daarin de eitjes in zijn lichaam krijgen. Ingeval van een vlooienplaag is het dan ook raadzaam ook te (laten) letten op eventuele wormenplaag.




Refresh!

free counter
statistics

www.leendertvandemerbel.nl