Ervaringsdeskundigheid



Louis ging ons voor

Een essay over ontwikkelingen bij de hulp aan blinden en slechtzienden

Conclusie

In het voorafgaande heb ik ontwikkelingen geschetst, van de Oudheid tot heden. Er is in die tussenliggende tijd veel veranderd. De hulpverlening kwam pas in de achttiende eeuw op gang en was toen filantropisch van aard en wordt nu grotendeels gefinancierd door de overheid. Blinden en slechtzienden gingen zich vanaf de negentiende eeuw organiseren en participeren nu meer in de samenleving. Maar de doelgroep participeert nog niet of nauwelijks in de professionele hulpverlening met hun ervaringsdeskundigheid.

Iemand als Louis Braille liet voorbeeldig zien dat hij zijn ervaringen om wist te zetten in activiteiten waar andere blinden hun voordeel mee konden doen. Hij is een ware identificatiepersoon en was eigenlijk al, zij het op beperkt gebied, een ervaringswerker. Andere gebieden dan de communicatie waarop visueel gehandicapte ervaringswerkers kunnen acteren, zijn onder meer: mobiliteit, arbeidsdeelname, studie, vrijetijdsbesteding, wooncomfort, belangenbehartiging en persoonlijke ontwikkeling.

Participatie is in onze samenleving in ieder geval de toekomst, waarbij ik refereer aan publicaties van Jos van der Lans.

Ik ga bevorderen dat de inzet van ervaringsdeskundigheid door blinden en slechtzienden, naar analogie van de ontwikkeling in de GGZ, professioneler wordt en dat er ook visueel gehandicapte ervaringswerkers gaan acteren. Daarbij maak ik gebruik van wat ik tijdens de masteropleiding social work heb geleerd en ook van de ervaringen die bij de GGZ zijn opgedaan.

Dit essay vormt een opmaat naar meer deskundigheid en plaatst het één en ander in perspectief.

Volgend fragment


© 2011 Leendert van de Merbel ~

free counter
statistics